Skip to: site menu | section menu | main content

De Kleine Icarus

Daltononderwijs in Gent
Currently viewing: »

___Daltononderwijs

WAT IS EIGEN AAN EEN DALTON SCHOOL?

De eindtermen

Om te beginnen gelden voor een Daltonschool dezelfde doelstellingen en regels die ook gelden voor andere vormen van basisonderwijs.

Dat betekent onder andere dat de school – net zoals andere basisscholen - er naar streeft de door de overheid geformuleerde eindtermen te behalen bij de kinderen.

In de eindtermen wordt omschreven wat de kinderen op school moeten leren. Dat leren betreft niet alleen de bekende schoolvakken, maar ook andere ontwikkelingsgebieden zoals sociale vorming, creativiteit en bijvoorbeeld ook omgaan met moderne media, zoals computers.

Daltononderwijs

Op onze school proberen we de hierboven genoemde doelstellingen te bereiken via Daltononderwijs.

Daltononderwijs is een organisatievorm waarin de taak een belangrijke rol speelt, daarenboven heeft het een uiterst belangrijke vormende, opvoedende waarde, waar de kinderen de rest van hun leven kunnen op bouwen (de drie pijlers).

De grondlegster van deze vorm van onderwijs is Helen Parkhurst.

Helen Parkhurst ( 1887 - 1973 ) was een Amerikaanse pedagoge die aan de wieg stond van het Daltononderwijs .

Ze was werkzaam aan een "éénmansschool" in Dalton , Massachusetts . Daar werd ze geconfronteerd met het verschijnsel dat jeugdigen met grote verschillen in ontwikkeling de school bezochten. Met financiële steun van de welgestelde familie Crane opende ze in New York City in 1919 "The Children's University School", die in 1920 de naam "The Dalton School" kreeg, zo genoemd naar de woonplaats van haar geldschieters. Ze schafte het klassikaal onderricht af en richtte het klaslokaal zodanig in dat jeugdigen met een verschillende mate van ontwikkeling er aan verschillende taken konden werken.

www.dalton.nl
www.dalton.nu

 

HET DALTONONDERWIJS GAAT UIT VAN DRIE PIJLERS:

 1. Vrijheid in gebondenheid / Verantwoordelijkheid

De vrijheid van het kind bestaat daarbij in de eerste plaats uit het zelf bepalen van de volgorde waarin de taken worden uitgevoerd, de tijd die eraan wordt besteed en de manier van uitvoeren. Het kind is echter wel verplicht om de opgelegde taken binnen een bepaalde tijdspanne af te werken.

Belangrijk is, dat kinderen leren dat zij zelf verantwoordelijk zijn voor de dingen die ze doen. Het leren hanteren van vrijheid en het leren nemen van verantwoordelijkheid is een proces dat langzaam moet worden opgebouwd.

Naast het nemen van verantwoordelijkheid voor je eigen leren en werken, vinden wij het ook belangrijk dat kinderen leren verantwoordelijkheid nemen voor bijvoorbeeld de schoolomgeving, de sfeer in de groep en het steunen van hun klasgenoten.

2. Zelfstandigheid

Dit is een begrip dat nauw samenhangt met zelfwerkzaamheid, maar dat toch verder gaat. De leerstof zal in eerste instantie vaak klassikaal of groepsgewijs worden aangeboden.

Tijdens de taakuren gaan de kinderen zelfstandig aan het werk met de daarbij horende opdrachten (de taak), waarbij ze vrijheid krijgen in het plannen en het uitwerken daarvan. Deze organisatievorm biedt de groepsleerkracht dan weer veel gelegenheid om kinderen, die het nodig hebben, individueel of in groepjes extra uitleg te gegeven. Door de taak voor bepaalde kinderen aan te passen, kan de groepsleerkracht tegemoet komen aan individuele behoeftes van deze kinderen.

Zelfstandigheid betekent ook – en eigenlijk vooral -, dat een kind geleerd wordt om de probleempjes die het tegenkomt, zelfstandig op te lossen. De leerkracht is natuurlijk altijd op de achtergrond beschikbaar voor hulp. Deze vorm van zelfstandigheid vinden wij opvoedkundig uiterst waardevol.

3. Samenwerken

Zoals hierboven al werd vermeld, willen we de kinderen graag leren de oplossingen van dagelijkse problemen zoveel mogelijk zelf te vinden, onafhankelijk van de leerkracht.

Je kan problemen ook oplossen door samen te werken met andere kinderen. Wij willen de kinderen leren om elkaar te helpen en om zelf ook hulp te vragen als dat nodig is (coöperatief leren)

N.B.: We leren de kinderen nadrukkelijk het verschil tussen elkaar helpen en elkaar de antwoorden voorzeggen !

Een andere vorm van samenwerken is het samen uitvoeren van een bepaalde opdracht. Afhankelijk van de ontwikkeling van de kinderen zullen dergelijke opdrachten steeds vaker gegeven worden. Er wordt dus samen gewerkt en samen gewerkt .

De ervaring leert ons dat "Dalton-kinderen" in het middelbaar onderwijs veel profijt hebben van de geleerde vaardigheden.



DALTON-ONDERWIJS IN DE PRAKTIJK?

De 'Taak'

Bij alle Dalton aspecten zit een opbouw door de hele school heen.

Dankzij deze " rode draad " gaat de ontwikkeling daarvan heel geleidelijk. Alles begint heel speels bij de kleuters, maar van de kinderen in de bovenbouw verwachten we opmerkelijk meer.

De taak

Eén van de bekendste aspecten van het Daltononderwijs is de "taak". De kinderen krijgen daarbij een aantal opdrachten die binnen een bepaalde periode moeten worden uitgevoerd.

Binnen het Daltononderwijs betekent ‘vrijheid' helemaal niet dat een kind zomaar zelf beslist wat het binnen de school doet. Nee, het gaat er bijvoorbeeld om dat het kind een opdracht of een aantal opdrachten krijgt, die het onder zijn eigen verantwoording uitvoert. De spelende kleuter en de 12-jarige zullen ieder op hun manier die verantwoordelijkheid ervaren.

Kleuters

Voor deze jongste kinderen bestaat de schooldag voor een groot deel uit spelend leren in de klas, het speellokaal of buiten.
Buiten wordt hoofdzakelijk vrij gespeeld, omdat het materiaal en de omgeving veel ontwikkelingsmogelijkheden bieden. Er wordt dagelijks buiten gespeeld, zolang het weer het toelaat.

In het speellokaal en de polyvalente zaal worden allerlei spelletjes gedaan. Ook kleutergymnastiek, ritmiek, schrijfdans, muzikale vormingslessen en poppenkast staan op het programma.

In de klas doet het kind d.m.v. zijn spel een enorme hoeveelheid ervaring op. In de kleuterlokalen zijn hoeken ingericht, waarin verschillende activiteiten plaatsvinden. Bijvoorbeeld de letter- en cijferhoek, de ontdektafel, de denkhoek, de experimenteerhoek, enz. Verder wordt er dagelijks gewerkt met ontwikkelings- en expressiemateriaal. Vaak worden alle activiteiten ingepast in een thema/project.

Het Daltonelement zit hem hierin dat het kind de vrijheid heeft bij het kiezen van een activiteit, maar dat het na het maken van zijn keuze ook de verantwoordelijkheid heeft om die activiteit uit te voeren. Vanaf het begin krijgen de kleuters ook regelmatig een "taakje". Dit zijn opdrachten, die iedereen moet uitvoeren.

Er volgen geleidelijk aan steeds meer opdrachten, die opklimmen in moeilijkheid en steeds meer van hen zullen vragen. Er wordt gewerkt met een takenbord .

Elke taak heeft een bepaald symbool en als een opdracht klaar is, mag het kind zelf op dit bord bijhouden wat het heeft gedaan. Zo stimuleren we het ”taakbesef” en leert het kind al vrij goed zelfstandig te werken. In de kleuterjaren is gewoontevorming bijzonder belangrijk.

Kinderen raken eraan gewend dat ze zelfstandig hun materiaal pakken, opruimen en zelfstandig probleempjes oplossen. Bij de keuze van de activiteiten hebben de kleuterleid(st)ers extra aandacht voor het leren samenspelen en samenwerken.

Lagere school

Vanaf leefgroep 1 (1 ste en 2 de leerjaar), waar de kinderen ten slotte leren lezen en schrijven, wordt de taak aangeboden op een takenblad . Ook hier is er natuurlijk weer de opbouw door de school heen, van een niet al te grote dagtaak in leefgroep 1 tot een weektaak in groep 3 (5 de en 6 de leerjaar).

Uitgestelde aandacht

Het begrip "uitgestelde aandacht" is heel erg belangrijk binnen het Daltononderwijs.

Hiermee wordt bedoeld, dat kinderen leren dat de leerkracht soms niet meteen kan helpen en dat er eerst zelf of met hulp van andere kinderen een oplossing moet worden gezocht. Lukt dat niet, dan is de leerkracht even later wel beschikbaar. Ondertussen moeten de kinderen zich met een ander aspect van hun taak bezig houden.

De momenten waarop de juf of meester niet kan helpen, worden met symbolen aangegeven. Gedurende deze tijd heeft de leerkracht de gelegenheid om kinderen te helpen, die extra uitleg nodig hebben.

Keuzewerk

Vrijheid betekent ook, dat je op een gegeven moment zelf mag kiezen wat je gaat leren.

Met keuzewerk wordt niet bedoeld dat je "even iets voor jezelf mag doen", maar dat je zelf opdrachten uitkiest, die aansluiten bij de eigen behoefte of belangstelling.

Keuzewerk bestaat uit speelse, uitdagende opdrachten waar de kinderen in het algemeen met veel plezier aan werken. Om te voorkomen dat alleen de vlugge werkers aan keuzewerk toekomen, is het een vast onderdeel van de taak en is er minimaal één keer per week een moment waarop alle kinderen keuzewerk